Primair energieverbruik (i39)

  •  31/10/2025
  • doelstelling 
  •  evaluatie 

In 2023 bedroeg het primair energieverbruik in België 1,76 exajoules. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer 1,41 exajoules bereiken. Volgens de projecties van de Finale actualisatie van het Belgische Nationaal Energie- en Klimaatplan 2021- 2030 (NEKP 2025) zal dat doel niet bereikt worden (gegevens beschikbaar in november 2025). Het primair energieverbruik evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Primair energieverbruik - België - trendevaluatie

exajoule

 200020052010201520202022202320252030
waarnemingen2.202.162.241.911.841.891.76----
projectie (NEKP 2025)--------------1.821.73
doelstelling 20301.411.411.411.411.411.411.411.411.41

Noot: Projectie op basis van de parameters van het WAM-scenario (With Additional Measures) van het NEKP 2025.

Bron: Eurostat (2025), Primary energy consumption [sdg_07_10], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 30/09/2025); ENOVER en Nationale klimaatcommissie (2025), Finale actualisatie van het Belgische Nationaal Energie- en Klimaatplan 2021- 2030 (NEKP 2025), https://www.nationaalenergieklimaatplan.be/nl/ (geraadpleegd op 10/10/2025).

Primair energieverbruik - België

exajoule (EJ)

 19901995200020052010201520182020202220232023//19902023//2018
België1.912.022.202.162.241.911.941.841.891.76-0.24-1.93
//: Gemiddelde groeivoeten

Bron: Eurostat (2025), Primary energy consumption [sdg_07_10], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 30/09/2025).

Primair energieverbruik - EU27

exajoule (EJ)

 19901995200020052010201520182020202220232023//19902023//2018
EU2757.2656.8058.4662.7161.0656.6757.7151.7452.7450.60-0.37-2.60
//: Gemiddelde groeivoeten

Bron: Eurostat (2025), Primary energy consumption [sdg_07_10], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 30/09/2025).

Primair energieverbruik - België en internationale vergelijking

gigajoule (GJ) per inwoner

 19901995200020052010201520182020202220232023//19902023//2018
België191.67199.24214.16206.17205.20169.71170.01159.29162.02149.63-0.75-2.52
EU27136.74133.87136.30144.06138.27127.79129.39115.85118.02112.81-0.58-2.70
//: Gemiddelde groeivoeten

Bron: Eurostat (2025), Primary energy consumption [sdg_07_10] en van Eurostat (2025), Population change - Demographic balance and crude rates at national level, Population on 1 January [demo_gind], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 30/09/2025); berekenigen FPB.

Definitie: het primair energieverbruik is de in België ingevoerde of geproduceerde energie vóór verwerking (in hoofdzaak olieraffinage en elektriciteitsproductie), uitgezonderd de uitvoer, de zeebunkers (de brandstof die geleverd wordt aan schepen voor internationale trajecten) en het niet-energetisch verbruik (bijvoorbeeld olie die gebruikt wordt als grondstof in de chemie). Die indicator wordt uitgedrukt in exajoules (EJ = 1018 joules). De EU-landen worden met elkaar vergeleken met het primair energieverbruik uitgedrukt per inwoner. Het FPB berekent de indicator met de gegevens van Eurostat.

Doelstelling: het primair energieverbruik moet 1,41 bereiken in 2030.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten subdoelstelling 7.3: "Tegen 2030 de globale snelheid van verbetering in energie-efficiëntie verdubbelen".

De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat doelstelling 18: "De verhoging van de energie-efficiëntie van producten zal worden voortgezet met het oog op de vermindering van het eindenergieverbruik" (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013).

Richtlijn (EU) 2023/1791 betreffende energie-efficiëntie en tot wijziging van Verordening (EU) 2023/955 (herschikking) legt een doelstelling vast om het primaire energieverbruik in de EU met ongeveer 34% te verminderen in vergelijking met het niveau van 2005 (Publicatieblad van de Europese Unie). Hoewel deze doelstelling niet wordt vertaald in bindende doelstellingen voor de EU-lidstaten, kan een indicatieve doelstelling voor de vermindering van het primaire energieverbruik voor België tegen 2030 van 1,41 EJ worden berekend aan de hand van een formule die in de richtlijn 2023/1791 is opgenomen (Enover/NKC, 2025). Het is deze doelstelling die wordt gebruikt voor de beoordeling.

De doelstelling voor de vermindering van het primaire energieverbruik tegen 2030 die wordt voorgesteld in de Finale actualisatie van het Belgische Nationale Energie- en Klimaatplan 2021-2030 (PNEC 2025) is minder ambitieus dan de indicatieve doelstelling die door de EU wordt voorgesteld. Het komt overeen met het resultaat van de projecties 'met bijkomende maatregelen' van dit plan en bedraagt 1,73 EJ.

VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij subdoelstelling 7.3. Het gevolg van een verhoging van de energie-efficiëntie is immers een vermindering van het primaire energieverbruik. De twee concepten zijn dus met elkaar verbonden.

Bronnen