In 2023 had 0,57% van de bevolking van 18 jaar of ouder een collectieve schuldenregeling in België. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer dalen. De trend is onbepaald tussen 2007 en 2023 (evaluatie van november 2025).
Overmatige schuldenlast van de gezinnen - België
personen met een collectieve schuldenregeling in procent van 18-jarigen en ouder
| 2007 | 2010 | 2015 | 2018 | 2020 | 2022 | 2023 | 2023//2018 | 2023//2007 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België | 0.7 | 0.9 | 1.1 | 1.0 | 0.8 | 0.6 | 0.6 | -10.1 | -1.0 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van Nationale Bank van België (2025), rechtstreekse mededeling 26/05/2025 (toestand op het einde van elk jaar) en Statbel (2025), Bevolking per geslacht en nationaliteit voor België en gewesten, https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/structuur-van-de-bevolking#figures (geraadpleegd op 02/09/2025)
Overmatige schuldenlast van de gezinnen - België
duizend personen met een collectieve schuldenregeling
| 2007 | 2010 | 2015 | 2018 | 2020 | 2022 | 2023 | 2023//2018 | 2023//2007 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België | 57.0 | 76.2 | 97.6 | 89.0 | 74.8 | 59.7 | 54.0 | -9.5 | -0.3 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Nationale Bank van België (2025), rechtstreekse mededeling 26/05/2025 (toestand op het einde van elk jaar).
Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens gewest - België
personen met een collectieve schuldenregeling in procent van 18-jarigen en ouder
| 2007 | 2010 | 2015 | 2018 | 2020 | 2022 | 2023 | 2023//2018 | 2023//2007 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Brussels Hoofdstedelijk Gewest | 0.5 | 0.6 | 0.7 | 0.6 | 0.5 | 0.3 | 0.3 | -13.6 | -4.0 |
| Vlaams Gewest | 0.6 | 0.7 | 1.0 | 0.9 | 0.7 | 0.6 | 0.5 | -9.7 | -0.6 |
| Waals Gewest | 0.9 | 1.2 | 1.4 | 1.3 | 1.1 | 0.8 | 0.7 | -10.2 | -1.1 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van Nationale Bank van België (2025), rechtstreekse mededeling 26/05/2025 (toestand op het einde van elk jaar) en Statbel (2025), Bevolking per geslacht en nationaliteit voor België en gewesten, https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/structuur-van-de-bevolking#figures (geraadpleegd op 02/09/2025)
Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens geslacht - België
personen met een collectieve schuldenregeling in procent van 18-jarigen en ouder
| 2007 | 2010 | 2015 | 2018 | 2020 | 2022 | 2023 | 2023//2018 | 2023//2007 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| vrouwen | 0.6 | 0.8 | 1.0 | 0.9 | 0.8 | 0.6 | 0.5 | -10.9 | -1.4 |
| mannen | 0.7 | 0.9 | 1.1 | 1.0 | 0.9 | 0.7 | 0.6 | -9.4 | -0.7 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van Nationale Bank van België (2025), rechtstreekse mededeling 26/05/2025 (toestand op het einde van elk jaar) en Statbel (2025), Bevolking per geslacht en nationaliteit voor België en gewesten, https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/structuur-van-de-bevolking#figures (geraadpleegd op 02/09/2025)
Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens leeftijd - België
personen met een collectieve schuldenregeling in procent
| 2007 | 2010 | 2015 | 2018 | 2020 | 2022 | 2023 | 2023//2018 | 2023//2007 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 18-24 | 0.2 | 0.3 | 0.3 | 0.2 | 0.1 | 0.1 | 0.1 | -11.8 | -4.7 |
| 25-44 | 1.0 | 1.3 | 1.7 | 1.4 | 1.2 | 0.9 | 0.8 | -11.2 | -1.6 |
| 45-64 | 0.8 | 1.0 | 1.3 | 1.3 | 1.1 | 0.9 | 0.8 | -9.2 | -0.3 |
| >64 | 0.1 | 0.2 | 0.3 | 0.3 | 0.3 | 0.2 | 0.2 | -5.9 | 2.9 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van Nationale Bank van België (2025), rechtstreekse mededeling 26/05/2025 (toestand op het einde van elk jaar) en Statbel (2025), Bevolking per geslacht en nationaliteit voor België en gewesten, https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/structuur-van-de-bevolking#figures (geraadpleegd op 02/09/2025)
Definitie: personen die geconfronteerd worden met overmatige schuldenlast of ernstige financiële moeilijkheden kunnen een beroep doen op de gerechtelijke procedure van collectieve schuldenregeling. Een schuldbemiddelaar zal in het kader van die procedure een aanzuiveringsplan van alle uitstaande schulden opstellen en het maandbedrag bepalen dat de betrokkene nodig heeft voor zijn lopende uitgaven. Dat bedrag moet voldoende zijn om een menswaardig bestaan te leiden en kan niet lager liggen dan het leefloonbedrag op maandbasis. De Centrale voor kredieten aan particulieren (CKP), beheerd door de Nationale Bank van België, centraliseert in België bepaalde gegevens over het aantal lopende collectieve schuldenregelingen. Het gebruikt hiervoor inlichtingen van arbeidsrechtbanken en schuldbemiddelaars, via het centraal bestand van berichten van beslag, delegatie, overdracht, collectieve schuldenregeling en protest. De collectieve schuldenregelingen worden automatisch uit het CKP verwijderd na afloop van de toepasselijke reglementaire bewaartermijn. De hier gebruikte indicator wordt uitgedrukt in duizenden personen en heeft betrekking op de toestand op het einde van elk jaar. Die gegevens en populatiegegevens van Eurostat die betrekking hebben op de toestand aan het begin van elk volgend jaar worden gebruikt om het aandeel van de bevolking van 18 jaar of ouder met een collectieve schuldenregeling te berekenen.
Voor deze indicator zijn volgende opsplitsingen beschikbaar: gewest, geslacht en leeftijd.
Doelstelling: de overmatige schuldenlast van de gezinnen moet dalen.
De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten subdoelstelling 1.4: "Er tegen 2030 voor zorgen dat alle mannen en vrouwen, in het bijzonder de armen en de kwetsbaren, gelijke rechten hebben op economische middelen, alsook toegang tot basisdiensten, eigenaarschap en controle over land en andere vormen van eigendom, nalatenschap, natuurlijke hulpbronnen, gepaste nieuwe technologie en financiële diensten, met inbegrip van microfinanciering".
De procedure van collectieve schuldenregeling voorziet dat het maandbedrag dat de betrokkene nodig heeft voor zijn lopende uitgaven voldoende moet zijn om een menswaardig bestaan te leiden en niet lager mag liggen dan het leefloonbedrag. Omdat de procedure van collectieve schuldenregeling specifiek gericht is op personen die door hun overmatige schulden in een situatie dreigen terecht te komen die het hen onmogelijk maken menswaardig te leven, wordt een daling van het aantal personen met een collectieve schuldenregeling als impliciete doelstelling beschouwd, hetgeen aansluit bij de doelstelling vermeld bij de leefloners.
VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij subdoelstelling 1.4 omdat personen die een collectieve schuldenregeling verlaten, kwetsbaar zijn en meer moeilijkheden kunnen hebben om toegang te krijgen tot bepaalde diensten en vormen van eigendom.
2025 © cic@plan.be